OPTIE 1

Je IT opknippen

Om schaalbare IT mogelijk te maken moeten software en systemen opgedeeld worden in kleinere, beter beheersbare componenten.

“Headless CMS wordt ook wel Decoupled CMS genoemd” ~ Stefan

Go headless!

Niet zonder je koppie te gebruiken, maar wel met het zogenaamde headless CMS creëer je kansen. Dit CMS is als een spin in het web van je content als deze over meerdere kanalen wordt gedistribueerd. Het CMS - dat als backend los staat van de frontend - richt zich alleen op het maken en beheren van content voor al je communicatie-tools.


Met de toename van het aantal apparaten en schermen dat content moet weergeven wordt het beheren van die content ingewikkelder. Het is namelijk gericht op de weergave van webpagina’s, terwijl nieuwe technieken vragen om andere manieren van weergave. Wat je op een website publiceert als pagina, wil je in een app, informatiezuil, smartwatch of op een tv in een andere vorm tonen. Vanuit die behoefte zijn headless CMS’en ontstaan.


Door middel van API’s wordt de content die je maakt gedistribueerd over alle kanalen die je wilt bedienen.


Bij een headless CMS zijn de body en de head losgekoppeld van elkaar

Wanneer kies je voor een headless CMS?

Een headless CMS is interessant op het moment dat je je eigen content wilt ontsluiten via meerdere kanalen, zoals een website, app of voor narrowcasting op een infozuil. Maar denk ook aan het benutten van de content van andere bronnen, zoals CRM-systemen, betaalsystemen, social media-data en gegevens uit externe systemen die op hun beurt weer ontsloten zijn door API’s.

Nu de frontend is losgekoppeld en de distributie wordt verzorgd door een API, heb je een superflexibele contenthub.

Met een CMS zonder ‘de head’ kun je je als redactie richten op alleen de inhoud en het beheer ervan. Het grootste voordeel zit ‘m in het gemak dat je bij een wijziging slechts 1 centrale plek hebt waarin je dat verwerkt. De infrastructuur erachter zorgt dat het goed komt en dat je content op de juiste manier wordt geserveerd aan je gebruiker, ongeacht hoe de gebruiker je content consumeert.

Future proof

Een headless CMS is niet zaligmakend. Er zit meer ontwikkeltijd in het verbinden van de systemen. Daarnaast kost het tijd om elk afzonderlijk deel te optimaliseren en te onderhouden. Dat kan hogere kosten met zich meebrengen. Daarentegen heb je geen herbouw of monster-migraties meer nodig. Je zorgt er met deze investering voor dat je altijd vooruit kunt. Je bent future proof.

“Zelfs kleinere systemen, zoals een CMS kun je opknippen om het beter te onderhouden en te kunnen schalen.” ~ Tim

Een API-koppeling is key

Met een API als generieke servicelaag kun je je eigen content en data flexibel inzetbaar maken. Naast flexibiliteit in de front-end-laag biedt een API ook flexibiliteit bij de inzet van verschillende back-end-systemen. Door deze via de API te ontsluiten krijg je de mogelijkheid om eenvoudig en zonder risico bestaande back-end systemen in je systeemlandschap te upgraden of je legacysystemen uit te faseren.

Serverless

Applicaties zijn er in alle vormen, talen en maten. De ene is out-of-the-box meer geschikt voor de Public Cloud dan de andere. Vaak zul je de applicatie deels moeten refactoren en re-architecten. Je kunt er bijvoorbeeld voor kiezen een opzet met microservices i.c.m. Kubernetes in te zetten of gebruik te maken van services en serverless. Maar het begint altijd met een analyse van de huidige applicatie en onderliggende infrastructuur.

Microservices

Door gebruik te maken van containertechnologie in combinatie met een (micro)services architectuur, kun je de schaalbaarheid van de applicatie maximaliseren. Met additionele tooling ben je daarnaast in staat om ook aan canary releasing te doen om eenvoudig, gradueel en zonder risico nieuwe versies van software in productie te brengen: Continuous Delivery.

“Door content, data en functionaliteit via een API te ontsluiten, kunnen front-end en back-end los van elkaar bestaan.” ~ Peter

Software en systemen vervangen